Tweemaal Democritus door Johannes Moreelse (17e eeuw)

Grappige waarheden en lichtvoetige wijsheden

Ik ga door dit schrijvend leven als DEMOCRITUS minor, alias ‘de vrolijke kluizenaar’. Deze literaire identiteit is een bescheiden eerbetoon aan mijn illustere inspiratoren.* Grasduinend door mijn verzameling lichtvoetige wijsheden (vooral uit de 17e en 18e eeuw) sprokkel ik 'oude' grappen, pittige uitspraken, verrassend ‘moderne’ inzichten, nimmer verblekende waarheden, guitige observaties, ironische beschouwingen, prikkelende overpeinzingen en satirische reflecties op kleinmenselijkheden die van alle tijden zijn. Ik serveer ze als zuurzoete amuse-gueules maar sommige cursiefjes kunnen aanbranden tot echte ‘schuin’-schriftjes van een dwarsligger…

* Robert Burton (1577-1640) schreef het magistrale The Anatomy of Melancholy (1621) met de pen van ‘Democritus Junior’, tegenover wie ik me slechts een dwerg voel. Maar in de gedaante van Democritus ‘in mineur’ voel ik me vaak als Den kluyzenaar in een vrolyk humeur, een van de satirische tijdschriften uitgegeven door Jacob Campo Weyerman (1677-1747) die graag verwijst naar Abdera, de stad waar de lachende filosoof Democritus vandaan kwam.

reacties of vragen > democritus.minor@gmail.com (teksten ook verkrijgbaar in pdf)

meer 'oude' humor en 'nieuwe' wijsheden: https://oudegrappen.simplesite.com/

 

INHOUD SAMENVATTINGEN

👎🙂👎🙂👎🙂 👎 

 

De Artz & kwakzalver

De Hamburgse arts Johann August Unzer (1727-1799) bracht een succesvol tijdschrift uit in het populaire genre van de ‘spectatoriale geschriften’. Maar wat als de beroemde arts ervan beschuldigd wordt zelf te behoren tot de bende kwakzalvers die hij zo verfoeit? Hij verdedigt zich in een vertoog over Verlegenheid en beterschap van de Artz, een stuk vol ironie en (zelf)spot, over het schrijven en publiceren van zijn tijdschrift. Want wat moet je schrijven als de meerderheid van je lezers te lui is om na te denken? En hoe ga je om met voorname Dames die niet willen lijden aan de ziekten van ‘de gewone man’? Artz & kwakzalver

 

Van wonder tot geen wonder

De Zeeuw Isaac Beeckman (1604-1634), die bevriend was met de Franse filosoof René Descartes,  stelde zich allerlei vragen bij de dingen om zich heen. In zijn Journael noteerde hij die kwesties en hun mogelijke oplossingen. Zo bedacht hij een plan om mensen op de maan te krijgen en een systeem om berichten op grote afstand te versturen Hier volgt een kleine selectie van zijn merkwaardige bedenkingen, verklaringen en voorstellen die na 400 jaar nog verrassend wijs, actueel of grappig zijnGeen) Wonder

Verhandeling van de zure gezichten

Johann Unzer, de schrijver van De Artz, kreeg van zijn vader te horen: “Jongen! gij maakt gedurig zulk een zuur gezicht, dat ik u wel tot een leraar zal moeten laten studeren!” In deze ‘geleerde’ verhandeling maakt de schrijver het onderscheid in types van zure gezichten, met een uiteenzetting van de oorzaken, het nut en de schadelijkheid ervan.  Maar er schuilt ook schoonheid in en gelukkig volgen er ook recepten om zure gezichten zoet te maken! Eigenlijk is het lezen van deze tekst al een goede remedie want je wordt er gegarandeerd vrolijk van. Zure gezichten

De gelukkige gek

Een gek was altijd even vrolijk en geloofde dat alles van hem was. De hele dag zat hij in de haven en er voer geen schip binnen of het was van hem. Ten slotte liet zijn familie hem door een dokter behandelen. Toen werd hij zo melancholiek dat hij niet meer te troosten was, en hij zei dat hun al te grote liefde hem uit het paradijs in het vagevuur had gebracht. De gelukkige gek

Het geheugen oefenen

“Van oudsher zijn de artsen bedacht geweest op geneesmiddelen om het geheugen te versterken, zonder daarbij het verstand noch de opvoeding te raadplegen of te hulp te nemen. Inmiddels is aangetoond dat de voorgestelde middelen ofwel ondienstig ofwel zelfs voor de hersenen en de zenuwen nadelig zijn. Intussen is het zeker dat nog geen één arts gelukkige ontdekkingen in deze zaak gedaan heeft, en men moet elk voor het gebruik van die middelen waarschuwen, welke enige rondzwervende kwakzalvers voor hoofd- en geheugenversterkende geneesmiddelen uitventen.”  In plaats van geneesmiddelen is vlijt en regelmatige oefening nodig om beter te memoriseren, zoals we hier leren uit een 18e-eeuws boek vol adviezen voor geleerden en predikanten. De geïnteresseerde lezer kan echter ook nut hebben bij de ‘kunst van het vergeten’. Geheugen oefenen

 

De kunst van het vergeten

“Hoe ongelukkig zouden wij zijn, zo wij niet vergeten konden? En hoe ongelukkig zijn niet miljoenen mensen enkel daarom, omdat zij geen vermogen genoeg bezitten om vele zaken te vergeten? Welk mens is er onder de zon, die niet, bij zijn leven, zekere daden zou begaan of zekere toevallen gehad heeft die hij vergeten moet, zo hij anders niet onophoudelijk ongerust en ongelukkig zijn wil?” Daarom brengt de arts Unzer argumenten en middelen aan om beter te leren vergeten! Zijn adviezen zijn vooral bedoeld “voor bedroefde, treurige, toornige, wraakgierige en boosaardige mensen”… Kunst van vergeten

Droomapotheek

Deze apotheek bevat wonderbaarlijke pillen en drankjes. Sommige dienen 'voor alles' en andere dan weer 'voor niets'! Of zoek je wellicht een medicijn om ziek te worden? Je vindt ze hier naast potten 'om te behagen' en 'verstand te krijgen'... Droomapotheek

Om ziek te worden kan je ook simpelweg wat medische lectuur gebruiken; lees wat gevaarlijke voorlichting over gezondheid en ziekte... Gevaarlijke lectuur 

Maar sommige geschriften kunnen zo saai, slaapverwekkend of gewoon slecht zijn dat ze onverwachte 'bijwerkingen' hebben van therapeutische aard... Slechte lectuur

 

De zitplaats van de ziel

Volgens Descartes was de pijnappelklier de centrale plaats voor de wisselwerking tussen lichaam en ziel, en daarom noemde hij het de 'zetel van de ziel'. De Duitse arts Unzer legt in dit grappige betoog uit dat de ziel op verschillende plaatsen gehuisvest kan zijn en dat afhankelijk van het type mensen: bij de gastronoom in zijn buik, bij de kleermaker in het topje van zijn vinger en bij de dansmeester in zijn voeten! Unzer geeft toe dat hij mogelijk dwaalt, maar “alhoewel de dwalingen geen waarheden zijn, zo zijn zij echter in duizend gevallen veel bekwamer dan de waarheid om ons te troosten, gerust te stellen, ja zelfs gelukkig te maken”. Zitplaats der Ziel

Sterven van geluk

Er zijn in de geschiedenis bijzondere voorbeelden van mensen die zichzelf van het leven benamen ook als zij zeer gelukkig geweest waren, omdat zij niet meer het gevaar wilden lopen ongelukkig te worden. De zelfdoding van Cleombrotus, een leerling van Socrates, heeft sterk tot de verbeelding gesproken van dichters en filosofen. Deze historische verkenning van ongewone motieven van zelfmoord mondt uit in het verschijnsel geluksmoeheid of geluksfobie. Sterven van Geluk

Het winderige gezin

Urbanus Flatus, zijn vrouw en twee dochters hebben allen last van luidruchtige winderigheid: “Wij worden somtijds verdoofd van 't geraas dat wij allen maken terwijl wij stil zitten. Is er dan niets in de wereld tegen die hatelijke kwaal?” Dr. Unzer weet evenwel raad voor dit “van winden zo geprangd huisgezin” maar hij merkt wel op dat windzucht een nobele kwaal kan zijn “want gelijk men het onder de paarden voor een teken van een sterke natuur houdt, als hun buik zulk een muziek in het draven maakt, zo is 't ook onder de mensen een bewijs van aanzienlijke rang als de winden in hun darmen huilen”!  Winderigheid

Vrolijke Hollanders?

"De gesteldheid van de lucht die gemengd met de dikke uitwazemingen van onze moerassen wij Nederlanders gedwongen zijn in te ademen, maakt dat wij in dit opzicht ver bij onze luchtige naburen tekortschieten. Wij zijn juist niet zwaarmoedig gelijk de Engelsen, Italianen en Spanjaarden, doch wij zijn enigszins log. Wij zijn wat de vrolijkheid betreft hard van natuur; fijne aardigheden hebben geen kracht genoeg om ons te bewegen, en het moeten sterke koddigheden zijn en, om zo te spreken, op brandewijn gezet, die ons aan het lachen kunnen helpen." De Hollandsche Spectator legt het allemaal verder uit... Vrolijke volken

Antikiteiten

 

Over de verzameling ‘Antikiteiten uit Funfkirchen’ (1875) schreef een recensent: “Over ‘t geheel vrij grappig, behalve voor hen, die grappen, aan bijbelsche onderwerpen ontleend, ongepast vinden”. Dat gevaar lijkt me nu geweken al vergroot enige kennis van bijbelverhalen wel het plezier, maar ook ‘ongelovigen’ zullen glimlachen of grinniken bij dit lijstje. Antikiteiten

Pruiken van dichtertjes

In deze uiteenzetting over ‘het genootschap der pruiken’ leren we waarom alle poëten pruiken dragen. Het is een mooi staaltje van ironie door Otto Hoffham (1744-1799), een in Pruisen geboren maar in Amsterdam opgegroeide schrijver, die vooral bekend staat als ‘de grappige dichter’. We weten niet of hij zelf een pruik droeg maar dichters zouden sneller tot kaalheid neigen of zich het hoofdhaar uitrukken! De voorzitter van het genootschap der pruiken komt met talloze voorbeelden die aantonen dat “de grootste dichters dat geleende hoofdsieraad dragen” zodat onder hun verwarmde schedelpan de prachtigste poëzie rijpen kan.

In de Hollandsche Spectator van 1733 verscheen een brief over de 'Societé Galante' die hier mooi bij aansluit. Onder het motto 'Mode is de kunst van het behagen' schreef Justus van Effen (1684-1735) een ironisch stuk over de ijdelheid van de 'jonkertjes' in zijn tijd. Pruikpoëten

Geplaagde mannen

"Ik geloof niet dat gij van dit genootschap van geplaagde mannen nog enig bericht zult ontvangen hebben. Het gaat ons niet veel beter dan een vervolgde sekte; wij houden, uit vrees voor de vrouwen, onze bijeenkomst met gesloten deuren. Niemand weet het oogmerk waartoe wij te samen komen, ja zelfs de waard niet van wie wij onze kamer in huur hebben. Wij komen eens in de week bijeen en verhalen dan elkander het leed en de folteringen, die wij van tijd tot tijd hebben te lijden..." VARIA

Klederen maken de man/vrouw

Onze Artz, Unzer, kon het niet nalaten ook de mode op de korrel te nemen: "De artsen hebben tot hiertoe ondersteld, dat er slechts drie redenen zijn, waarom men kleren draagt: eerst om onze natuurlijke naaktheid en schaamte te bedekken, ten tweede om ons voor 't geweld van het weer te beschutten, ten derde om daardoor met meer gemak onze bezigheden te kunnen waarnemen. Doch nu zal ik bewijzen dat geen van deze redenen de ware is, maar dat wij daarom alleen kleren dragen: opdat ze ons tot lieden van gewicht maken zouden". Zelfs de paus gaf hem gelijk... Klederen

 

Zwarte gal en inkt van schrijvers

Melancholie of  zwaarmoedigheid is van oudsher te wijten aan een teveel van zwarte gal. Maar Otto Hoffham brengt in dit betoog een hele argumentatie voor zijn stelling dat de zwaarmoedigheid van vele geleerden en schrijvers te wijten is aan het overvloedig gebruik van zwarte inkt. Gelukkig genoeg bleek onze ‘grappige dichter’ zelf niet onderhevig te zijn aan deze kwaal van de veelschrijvers! Zwarte inkt

Letterdieverij

“Dat er geen groter dieven in de wereld zijn of ooit geweest zijn als mijne heren de schrijvers, is een waarheid, die van geleerde lieden niet kan geloochend worden”, schrijft de Hollandsche Spectator. Maar is hij zelf wel vrij te pleiten van plagiaat? “Om mijn lezer zelf in staat te stellen van hier aangaande een billijk vonnis te vellen, zal ik hier mijn werk maken van nauwkeurig de ware natuur van de letterdieverij te onderzoeken waarvan weinig mensen een rechtmatig denkbeeld vormen”… Letterdieverij

Schrijfjeukte

Vandaag zien we steeds vaker een aparte vorm van exhibitionisme: de drang om de meest pietluttige gebeurtenissen of ervaringen de digitale wereld in te sturen via facebook of chatboxen. Het is een eeuwenoud verschijnsel bekend als grafomanie of schrijfjeukte: volgens de enen een duidelijk teken van grootheidswaan, volgens anderen gewoon een uiting van ijdelheid. Gelukkig is enige zelfkennis mij niet vreemd en daarom ook hier het medisch correcte antwoord op de vraag,  waarom ik in hemelsnaam deze website ineenknutsel… Schrijfjeukte

Nieuwe Zotheid

‘Het humoristisch en satirisch element in onze literatuur neemt nog steeds een bescheiden plaats in. Daarom verheugt het ons u thans een Hollands boek te kunnen aanbieden dat beide in hoge mate bezit.’ Met deze woorden werd in 1935 De nieuwe lof der zotheid aangekondigd. De anonieme schrijver was de bioloog en zenuwarts Paul Antoine Dietz, een pionier van de parapsychologie in Nederland. Tussen 1930 en 1940 poogde hij dit controversiële domein op de wetenschappelijke kaart te zetten. Anderzijds kon hij zijn vakgebied met zoveel ironie gadeslaan dat zijn literair oeuvre hier onze aandacht verdient. Ontdek daarom een heel bijzonder boek, waarin de ‘kleine Erasmus’ heel wat heilige huisjes met een mengeling van ironie en satire overhoop haalt... Nieuwe Zotheid

Rijmverkopers

Deze broodpoëet weet uit ondervinding "dat het een dichter al zo makkelijk is voor de gaande en komende man allerlei poëtische waar te vergaderen, als het is voor een schoenmaker, die op de kermissen reist, zijn kraam te stofferen. In navolging van een geestrijk opschrift eertijds geplaatst voor dusdanige winkel, zou hij met recht op zijn luifel kunnen zetten"

          Hier verkoopt men verzen, hoog en laag, scherp en plat

          Passen ze David niet, zo passen ze Goliath.

Rijmverkopers

Puntdichten

Volgens de Amsterdamse boekhandelaar en letterkundige Pieter Gerardus Witsen Geysbeek zorgen puntdichten voor de speldeprik in menselijke dwaasheden en gebreken. Voelt de lezer zich gekwetst dan ligt dat niet aan de dichter! Doe zelf de test met een selectie uit zijn eigen verzameling (1834). Puntdichten

Onsterfelijke auteur

 

Op een sokkel van folianten staat de onsterfelijke dichter: inktpot op het hoofd, gepantserd met een boek en een wijde mantel vol opschriften wijst hij met een bundel schrijfveren in de verte. Twee scholieren met boeken onder de arm kijken rechts naar het beeld, terwijl links vooraan een kind zijn broek heeft laten zakken tegen zo’n hoop papier… Onsterfelijke auteur

Prulschriften

 

“Zal ik my quellen over dat vervaarlyk getal van slechte schryvers die den Parnassus met eenen vloed van prulschriften overstroomen?”. En ja Justus van Effen kwelt zich over deze vraag met enkele spotbladzijden over hoe je slechte boeken kunt maken. Hij reikt schrijfrecepten aan en roept de collega schrijvers op zich tot een nieuwe unie tegen de uitgevers te verenigen! Prulschriften

Drukfauten

“Wees voorzichtig met het lezen van boeken over gezondheid. Je kan sterven aan een drukfout”, leerde ons Mark Twain. Maar deze beknopte geschiedenis van de drukfout zal je gezondheid niet schaden. Je leert er waarom we sinds het begin van de boekdrukkunst spreken van een ‘zetduivel’. Mogelijk besluit je dat dit stuk een voorbeeld van kakografie is, maar ook in dat geval heb je met de glimlag wat beigeleert… Drukfauten

Blanco boeken

De beroemde 17e-eeuwse arts Boerhaave zou een boek hebben geschreven over ‘de grootste geheimen van de geneeskunde’, maar behalve de titelpagina was de rest blank! Het blijkt echter een mooie legende met een aparte geschiedenis. Toch zijn er meerdere blanco boeken gepubliceerd met uiteenlopende bedoelingen. Een soms surrealistisch verhaal waarin René Magritte meespeelt: Blanco boeken

Letters eten of boeken vreten

Lijdt u aan bibliofagie dan kan een gastro-verboloog uw redding zijn. Snapt u hiervan niets dan heeft u wellicht toch te weinig letters gegeten.  Hopelijk heeft u nog een beetje leeshonger om deze internetpagina te verslinden. Boeken vreten

Bibliomaan of boekengek

De bibliofiel is heer van zijn boeken, de bibliomaan is knecht ervan; de eerste houdt ervan boeken te bezitten en de tweede is van boeken bezeten. Tot welke categorie behoort u? Leer uit de voorbeelden en stel uw eigen diagnose. Ik heb er alvast enkele zelfportretten als 'boekenjager' in verwerkt... Bibliomaan of boeken

Beuzelaars

Misschien is deze website maken/lezen wel een voorbeeld van ‘beuzelen’: onzin vertellen of onbeduidende dingen doen. Goed: dan behoor ik graag tot het genootschap van beuzelaars dat in 1776 werd opgericht. Wat een eer, erkend beuzelaar te zijn! Christoffel Columbus toonde dat je zonder enig hulpmiddel een ei overeind kan doen staan. Dit was misschien beuzelarij maar diezelfde Columbus heeft wel Amerika ontdekt. Laat mij dus maar beuzelen, mijn vriend, want misschien kan ook ik nog een nieuwe wereld vinden… Beuzelaars

Pogonotomie of de kunst van het scheren

In de 18de eeuw ontwikkelde een Fransman de voorloper van het moderne scheermes en betitelde zijn boek hierover La Pogonotomie (1769). De barbier, die destijds ook aderlatingen uitvoerde, was een deels gevreesde en deels bespotte figuur, zoals enkele oude rijmpjes mooi illustreren. Pogonotomie

Disputeerziekte

"Ik lijd aan zekere ziekte die de filosofen gewoonlijk de disputeerziekte noemen. Inderdaad, ik kan het niet dulden dat iemand gelijk heeft al moet ik twee uren lang disputeren dat twee maal twee geen vier uitmaakt. In mijn jeugd gewende ik mij aan dit gedurig tegenspreken om mijn geleerdheid in alle delen van de menselijke wetenschappen te tonen. Van tijd tot tijd is het bij mij een onoverwinnelijke gewoonte geworden, die men in waarheid een ziekte van het gemoed noemen mag. Het  gezicht van iemand die toont dat hij van het een of ander overtuigd is, maakt mij driftig. Ik ben dan genoodzaakt mijzelf het grootste geweld aan te doen om zo iemand niet op de straat aan te spreken en van zijn dwaling te overtuigen..." Disputeerziekte

Lustige lofzangen

Een mooie aanwinst in mijn verzameling, Aangename en vermakelijke voorlezingen voor winteravonden, bleek tot mijn verrassing ingebonden met een grote bundel veelal niet gedateerde losse stukjes, brieven en gedichten waarvan velen nergens op het internet te vinden zijn. Proef daarom deze unieke selectie als je ook van grappige rijmelarijen houdt, niet zelden met een dubbelzinnige lading vol seksuele toespelingen: over trouwen, sigaren, ham, kaas en worsten. Lustige lofzangen

Furetieriana

 

Waarom moet je één keer per maand zat wezen? Over hoorndragers, kloteloosheid, onredelijke moeders, kinderen van priesters, langdradige en domme dichters, Vlaamse vrouwen als lekkerbekken en nog meer ‘lering en vermaak’ vind je in Furetieriana (1711) een oorspronkelijk Franse verzameling anecdoten, commentaren, verzen en beschouwingen. Furetieriana

Vlucht in vrouwenklederen

 

Justus Swaving, een ‘onbeschaamde, ijdeltuitige en opsnijdende avonturier’, werd in 1825 tijdens zijn legerdienst in Brugge beschuldigd van allerlei gesjoemel. Toen men hem thuis in Delft wilde arresteren wist hij te ontsnappen in de rouwklederen van zijn vrouw… Vlucht als vrouw

Klappen voor de huwelijksplicht

 

Een klepperman of klapperman was een nachtwacht die met een ratel zijn ronde deed en daarbij ook riep hoe laat het was. In Ternate, een van de Molukse eilanden, klepperde hij tegen vijf uur ’s ochtens om mannen op te roepen tot hun huwelijksplicht: “Geef burgers aan het lieve vaderland”! Een merkwaardig verhaal uit de 18de eeuw dat ook een bijzondere reputatie verwierf. Klapperman

Kluchtigh ende belacchelyck verhael-dicht

 

Een merkwaardig Brussels gedicht uit de 17de eeuw schildert een stoet van oude-schoenenopkopers, bezemkooplieden, kolensjouwers, groente- en melkvrouwen, huidenkopers, voddemannen, scharenslijpers, straatzangers, wafelbakkers en nog meer kooplui die hun waar met luide stem aanbieden. Dit verhaaldicht is een grappig volkskundig document. Verhaaldicht  Ook stelt het ons voor een raadsel: welke van de verschillende exemplaren is nu het origineel?  Hutsepot

Tijdverdrijf

 

Om het West-Vlaams aan te prijzen samen met een nieuwe spelling maakte de Ieperse arts Frans Vandaele in 1805-1806 een tijdschrift, Tyd-verdryf, waarin hij zijn taalkundige beschouwingen ‘doorzaaide met stukskes van alle slag’. Hier een plezierige selectie van zijn ‘praatjes’. Tijdverdrijf

Van wie is 'de lezende dienstmeid'?

Vrouw in interieur met boek en bibliotheek wordt op 10 maart 2017 aangeboden bij het Brugse veilinghuis Marc Van de Wiele. Het doek wordt bijna steeds toegeschreven aan de 19e-eeuwse Schotse schilder John D. Stevens, maar op 15 april 2015 bood het Parijse veilinghuis Ader Nordmann hetzelfde doek aan en noemde Jean Daniël Stevens als schilder! Uit verder opzoekwerk blijkt dat er van dit schilderij meerdere versies bestaan. Waarom duikt dit doek bij verschillende veilingen op en wie schilderde het? Lezende dienstmeid

STA VROEG OP! 

Als we dagelijks slechts twee uur winnen door vroeger op te staan dan maakt dit in een week 14 uren, of een gehele werkdag. Op deze wijze wint men in een jaar 730 uren, of men leeft 52 werkdagen langer. Dat berekende in 1835 een grote wetenschapper uit Duitsland die ook langslapende ouders waarschuwt: “Er zijn meer kindermoordenaressen onder de moeders, dan de overheid straffen kan.” VARIA

Vloeken & vuilbekken

Een gruwelijke geschiedenis van het vloeken in het Brugge van de 15de eeuw, een eerbetoon aan de vloekexperts en het feit dat Kuifje wist waarom Nederlanders grotere vloekers zijn. Je kan het hier allemaal lezen in naam van de vrije meningsuiting. Vloeken & vuilbekken 

Voltariana

 

Frederik de Grote, koning van Pruisen, onderhield gedurende meer dan 40 jaar een correspondentie met de Franse schrijver en filosoof Voltaire. Geniet hier van een selectie bijzondere citaten, met vooral een scherpzinnige en ironische kijk. Voltariana 

De vergeten brief

In 1778 meent Antoine Vloers ten onrechte te zijn opgesloten in het asiel van de Cellebroeders of Alexianen in Diest. In plaats van krankzinnig te zijn ziet hij zich als slachtoffer van een familievete rond een erfeniskwestie. Hij schreeuwt zijn onschuld uit en duidt de schuldigen aan in een schrijven aan de hoogste rechtsinstantie. Omdat hij bang is dat de brief onderschept zal worden, laat hij deze naar buiten smokkelen maar hij komt nooit aan bij de bestemmeling… Meer dan twee eeuwen later lezen we een aangrijpend ‘document humain’ uit de vergeetput van de psychiatrie. Vergeten brief

VARIA

DE KONIJNEN VAN SHAKESPEARE

In Den Wetsteen des Verstands (1620) van Richard Verstegen staat een grappig verhaal over een konijnenjacht. De anecdote is ook terug te vinden in een bundel van Francis Bacon maar die verscheen later (1625).  Verstegen zelf haalde zijn mosterd ook elders en uiteindelijk belanden we bij Shakespeare! VARIA

DE MIRAKELEN VAN SCHERPENHEUVEL EN HET AMSTERDAMSE TUCHTHUIS

De Brusselse stadsgriffier Philips Numan schreef in 1614 een boekje over de Mirakelen van onse Lieve Vrouwe, ghebeurt op Scherpen-heuvel. Hierin verdedigde hij zich tegen de ‘goddeloze’ kritiek in een satirisch pamflet van 1612 over de ‘mirakelen’ in het tuchthuis van Amsterdam… VARIA

MOGEN GELEERDEN HUWEN?

"Sedert lange tijd heeft men de geleerden tegengeworpen dat zij voor het huwelijk niet deugen, een nieuw bewijs dat de geleerdheid geen natuurlijke eigenschap van de mens zijn kan." Zo begint deze 'geleerde' uiteenzetting waarin ook de vraag wordt gesteld, of geleerden minder vruchtbaar zijn! VARIA  

DE ZWANGERE KLEPTOMANE

"Terwijl mijn vrouw zich in een gezegende staat bevindt, heb ik er mijn werk van gemaakt, de geneeskundige boeken te doorbladeren, om na te speuren hoe men in dergelijke gevallen de vrouwen behandelen moet. Zeer veel heb ik van wonderbare lusten gelezen, welke de vrouwen in soortgelijke omstandigheden hebben, en vermits ik oordeel dat een man verplicht is om deze lusten in te volgen, zo is mij een verschrikkelijke gedachte ingevallen die mij nacht en dag kwelt..." VARIA

DE  LANGSTE VLAAMSE AUTO

De automobiel of 'zelfbewegend' rijtuig zonder trekdier werd aanvankelijk ‘paardeloos rijtuig’ genoemd. Maar dat is een flauwe omschrijving vergeleken met het woord van 41 letters dat een Vlaming einde 19de eeuw bedacht zou hebben. VARIA

HULP VOOR RIJMKNUTSELAARS

André Hazes schreef zijn liedjes met het Prisma Rijmwoordenboek in de hand. De meest succesrijke gids voor rijmelaars werd aangeprezen als: “De reddingsboei bij poëtische nood. Dit rijmwoordenboek is al velen behulpzaam geweest wanneer de dichterlijke ader even verstopt raakte.” Onze zoektocht naar de voorlopers brengt ons in de 18de eeuw. VARIA 

Niets nieuws onder de zon

Wat wil ick meer ander soecken

In veel oude Schryvers boecken?

Wilt slechts desen tydt door-sien,

Ghy sult wonder sien geschi’en.

 

Fragment uit ‘Bacchus beeldt’ in Jacob De Clerck, Eerlyck Tydt-Verdryf (Brussel, Jan Mommaert, 1652) p 138

IJdele tijd?

Vul hier gerust uw lege tijd,

't is geen teken van ijdelheid:

 

Ik schyn ‘k verslyt den schoonen tyd

Met grillen en met prullen:

Een ieder mag door sulk gedrag

Den ydlen tyd vervullen.[1]



[1] ydel of ijdel verwijst hier naar leeg.

Fragment uit Tyd-verdryf nr 13 (1805) van de Ieperse arts en taalpurist Frans Donaet Van Daele (1737-1818).

 

  • Bordje bij het raam van de Regentenkamer in het Dordrechtse Arend Maartenshof

  • Vestiaire in Huis van Gijn in Dordrecht